BOMMEN, GRANATEN EN SUIKERBIETEN, HET VOORMALIGE OORLOGSVLIEGVELD LES BURETTES TUSSEN BEAUVECHAIN, MELDERT EN BIERBEEK (OPVELP)

Uitgelicht

december 2020

Ernst Guelcher

contact: ernst.guelcher (at) telenet.be

Les Burettes – een oologsmonument van pleindraad

Om het oude oorlogsvliegveld Les Burettes tussen Beauvechain, Bierbeek  en Meldert te verkennen heb ik gelukkig hulp gekregen van twee deskundige gidsen, Koen Herregods van Opvelp en Eddy Stas van Meldert. Zonder hen zou ik het nog altijd niet goed weten te vinden.

Les Burettes is de al heel oude naam van een tamelijk nieuwe woonwijk in Beauvechain ten oosten van de Sint Sulpiciuskerk en ten zuiden van de Rue des Anges. Die Engelenweg eindigt aan de hele mooie grote vierkantshoeve ‘La  Grande Gayette’ op de splitsing met de Rue de Louvain.

De naam zie ik al op de Ferrariskaart van 1777 en de Villaretkaart van 1745 (‘aux 3 burettes’) en het kan zoiets betekenen als ‘kannetjes’ voor wijn of smeerolie dus misschien was er toen een café.

Les Burettes, een verrassing dankzij facebook. Op zoek naar herinneringen uit de Tweede Wereldoorlog maakt een lezer uit Beauvechain mij attent op ‘la Bataille des 3 Burettes’. En inderdaad is er een veldslag met die naam maar het was wel in de tijd dat er nog lang geen vliegtuigen waren maar tijdens de boerenopstand tegen de Franse bezetting.

Les Burettes

Wikipedia: “Op 27 november 1798 verlaat een sterke Republikeinse colonne van infanterie en cavalerie Leuven en gaat een troep Waalse opstandelingen ontmoeten die in Hamme-Mille zijn gemeld. De strijd vond plaats op het kruispunt van Trois Burettes, in Beauvechain, de opstandelingen werden neergeslagen”. Daarbij zouden er tussen de 60 en 150 doden zijn gevallen.

Oorlogen volgen elkaar op omdat mensen niet leren maar hoeveel slachtoffers de Tweede Wereldoorlog in deze streek gemaakt heeft en hoeveel van hen burgers waren weet ik niet maar ik vrees dat het er nog een pak meer zullen zijn geweest als gevolg van het strategisch belang van maar liefst twee militaire vliegvelden.

Vanaf Les Burettes  gaan er twee verharde veldwegen richting taalgrens. Die aan de noordkant is de Bevekomstraat, De naam van het zuidelijke baantje staat niet op de Open Street Map maar staat in de streek bekend als de Stenenkruisstraat.

Heel de vlakte is tot aan de horizon een boom- en haagloos akkerland met in het najaar bergen mais en suikerbieten maar in de verte zie je tussen die veldwegen een klein bosje en daar moeten we naar toe.

Les Burettes – Bevekomstraat

De snelste weg is langs de Bevekomstraat die je volgt tot aan een kruising. Daar sta je precies op de grens tussen Vlaanderen en Wallonië. Als je nog een stap verder zet kom je in Willebringen (Boutersem) maar inplaats daarvan ga je naar rechts in de richting van het bosje dat dus nog net op het grondgebied van Beauvechain ligt.

Als je links zou gaan kom je aan het natuurgebied de Hazenberg van Natuurpunt en het Remmelenbos en -veld. Beiden zijn belangrijk voor dit verhaal maar dat komt nog ter sprake.

De veldweg richting bosje is niet verhard maar het zal je opvallen dat aan de rand een hele rij brokken beton ligt met hier en daar een bloempje ertussen en overal afval van allerlei aard. Dat beton is het opgebroken restant van een landingsbaan van het vliegveld Les Burettes dat tijdens de tweede wereldoorlog door de Duitse luchtmacht gebruikt werd samen met het terrein van de huidige luchtmachtbasis Le Culot een beetje naar het zuidoosten bij Beauvechain-La Bruyère.

Beide bases werden als een kleine hulpvliegvelden in 1936 ingericht door de Belgische Luchtmacht in het kader van de verdediging tegen een mogelijke Duitse inval.

Les Burettes – de vroegere piste

De eerste was die waar je nu staat, op het Sint-Ermelindusveld (Epine Ste-Ermeline) tussen Meldert en Beauvechain. De tweede was en is nog altijd die aan de Ferme l’Espinette nabij de Chaussée de Wavre in La Bruyère en kreeg de naam ‘Le Culot’.

Hoe het eerste vliegveld er precies heeft uitgezien kan je op het terrein niet meer goed zien maar met behulp van de bijgevoegde kaarten en een luchtfoto kan je toch een idee van krijgen.

Op de topografische kaart van 1939 staat het vliegveld er nog helemaal niet op. Op de kaart van 1969 zijn er nog enkel een paar aanduidingen en op latere kaarten verdwijnt het helemaal, blijkbaar vooral omdat de boeren alles wat na de oorlog nog boven de grond uitstak hebben opgebroken om hun akkers te kunnen gebruiken. Maar als ik het goed begrijp moet het zowat het hele terrein tussen het Remmelenbos en Meldert in beslag hebben genomen.

Dat er om de vliegbases van Beauvechain zwaar gevochten is in de Tweede Wereldoorlog zullen de oudere mensen in de streek nog wel weten.

Les Burettes tussen Beauvechain en Meldert

Het bosje dat je op de foto’s ziet werd in 1936 aangeduid als “Les Burettes”. Na het begin van de oorlog wordt er naar verwezen als ‘Le Culot-East’ en ‘Y-10’.

Voor de voorgeschiedenis en het oorlogsgebeuren haal ik er de tekst bij die Eddy Stas voor Natuurpunt schreef in het kader van de Ruilverkaveling van Willebringen: “Na de economisch goede en voorspoedige jaren twintig, voorspelden de jaren dertig van vorige eeuw weinig goeds. Hitler was aan de macht gekomen in Duitsland en keek begerig richting Frankrijk, België , Nederland, Luxemburg en de rest van West Europa.

Het was bang afwachten in het kleine België. Alhoewel de Belgische generale staven qua oorlogsstrategie nog erg veel aanleunden bij een statische oorlogsvoering met forten en zwaar bewapende linies net zoals de Franse en Engelse staven trouwens, bleven ook zij niet geheel blind voor de realiteit. Veel te laat zo zou blijken.

Met een regelmaat van een klok werd het Belgische luchtruim overvlogen door Duitse verkenningsvliegtuigen. Een interceptie van deze moderne vliegtuigen was allerminst evident voor onze luchtmacht die slechts over verouderde toestellen  beschikte die geeneens zo snel en zo hoog konden vliegen. Met de introductie van de Hawker Hurricane  kwam hierin verandering en konden ook onze toestellen deze Duitse spionagetoestellen onderscheppen. Niet zonder gevaar zo moet blijken uit een aantal verslagen.

Les Burettes – tussen Beauvechain en Meldert – hier loopt de weg dood in de wildernis

De Belgische generale staf was er uiteraard van overtuigd dat de positie van onze vliegvelden (zoals Goetsenhoven) nu wel erg goed bekend waren bij de vijand en bedacht een plan waarbij in het geheim noodvliegvelden werden opgericht waar bij de eerste uitbraak van de oorlog onze operationele toestellen naar toe zouden kunnen vluchten om op die manier aan vernietiging op de grond door een bombardement te ontsnappen.

Er werd daarom in wijde omgeving gezocht naar terreinen die hiervoor in aanmerking kwamen. Eigenaardig genoeg werden op het plateau van Bevekom twee verschillende hulpvliegvelden opgericht. Ongeveer in het verlengde van elkaar en op erg korte afstand van elkaar. Het eerste vliegveld werd opgericht ter hoogte van het gehucht “le culot” tussen La Bruyere en Beauvechain, een tweede werd opgericht tussen Beauvechain en Honsem en Meldert, ter hoogte van het gehucht ‘les Burettes’.

Deze vliegvelden waren niet meer dan een grasstrook die mooi geïntegreerd werd in de omliggende landbouwpercelen , kwestie om niet op te vallen vanuit de lucht. Om de nodige camouflage te voorzien ‘in geval van’ werden er bosjes en groene stroken voorzien onder dewelke de vliegtuigen en ander materiaal konden verscholen worden in tijd van oorlog. Regelmatig werden deze vliegvelden gebruikt tijdens oefeningen en vooral tijdens de vele alarmen die er werden geslagen. …

Les Burettes – tussen Beauvechain en Meldert – nee dit is niet achtergelaten door de soldaten

De start tot uitbouw van deze vliegvelden werd reeds gegeven in de late jaren 30. Rond 1935 werden de vliegvelden van “Le Culot” en “ Les Burettes” ingericht en in gebruik genomen. De keuze van deze locaties was niet geheel onschuldig. Het terrein was erg open en zonder al te vele obstakels, bovendien waren de vliegvelden erg goed bereikbaar door een druk netwerk van wegen; De centrale ligging, in het midden van het land tussen de belangrijkste Belgische steden, was ideaal. De uitbouw van deze vliegvelden begon rond 1934 en werd voltooid tijdens de mobilisatie in 1938 en 1939.

Het huidige vliegveld “le culot” noemde gewoon terrein nr 25 en “les burettes” gewoon terrein nr 21; Voor de aanleg van deze vliegvelden moesten soms erg historisch waardevolle artefacten verdwijnen. Zo moest de Ermelindis boom verdwijnen.

Ter verdediging van de oprukkende vijandige troepen werd er ook een antitank linie opgetrokken. Deze linie bestond uit zogenaamde “cointet” elementen. Dit waren metalen obstakels die de doortocht van vijandige tanks moesten vertragen of voorkomen. Zij maakten deel uit van de zogenaamde KW-linie (Koningshooikt-waver linie). Resten hiervan vind je nog steeds in de weidse omgeving.”

Les Burettes – antitankelement aan de Rue de Louvain in Beauvechain

Tijdens de Belgische mobilisatie bezochten de 1/I/2 (Gloster Gladiator) en 2/1/2 (Hawker Hurricane) het vliegveld. “In geval van aanval zouden de elf Hawker Hurricane toestellen van Schaffen zich naar Les Burettes begeven. Ook de vijftien Gloster Gladiators van dezelfde basis zouden volgen. Op 10 mei 1940 werd Schaffen daadwerkelijk gebombardeerd. Slechts twee Hawker Hurricanes en twaalf Gloster Gladiators konden ontsnappen en landen op Les Burettes.

Op 10 mei 1940 begon de tweede wereldoorlog voor België…. Schaffen werd gebombardeerd , slechts 2 Hawker Hurricane en 12 Gloster Gladiator konden ontsnappen en landen veilig op “les Burettes”.

Later op de dag kwam er nog een derde herstelde Hawker vanuit Schaffen toe op het vliegveld. Waren de Belgische toestellen aan het ergste ontsnapt en was hun positie ongekend voor de vijand? Op 11 mei iets na de noen kwamen Duitse jagers de klein plein bestoken. De verwoesting was groot. Bijna alle vliegtuigen waren vernield… later in de namiddag kwamen de Duitsers terug en werden ook de laatste resterende vliegtuigen vernield.”

gloster gladiator – bron: https://www.belgian-wings.be/gloster-gladiator Belgian Air Force, past and present. The Aeronautical Reference Site – De Luchtvaart Referentie Site – Le site référence de l’Aéronautique
Hawker-Hurricane bron Wikipedia

Op 14 mei 1940 wordt de streek door de Duitse troepen bezet op en p 17 mei landen de eerste Me 109 E gevechtsvliegtuigen van het Luftwaffe-eskader III/JG 26 op” les burettes”. De bevelhebber van deze eenheid was Gotthard Handrick, atleet met gouden medaille penhatlon Olympische spelen 1936.(https://en.wikipedia.org/wiki/Jagdgeschwader_26 en http://en.wikipedia.org/wiki/Gotthard_Handrick). 

Die eenheid verbleef op Les Burettes tot 27 mei 1940 maar koos, gezien de betere bodemgesteldheid, voor de uitbouw van La Bruyère (ook “Le Culot” genoemd, naar de plaatsnaam). Les Burettes bleef gebruikt als schijnvliegveld, 

Eigenaardig genoeg werden alle installaties en infrastructuur onderhouden, maar niet gebruikt. Eddy Stas: “Er hing een vreemde zweem van geheimzinnigheid rond het vliegveld van ‘ les burettes’. In juli 1942 werd het vliegveld ‘bezet’ door houten junker 188 vliegtuigen, vermoedelijk als afleidingsmanoeuvre voor het nabijgelegen operationele vliegveld. Er werden obstakels voorzien op de landingspiste, dit om mogelijke landingen van vijandelijke vliegtuigen en  commandoaanvallen te verijdelen. Als obstakel gebruikten de Duitse troepen gerecupereerde Belgische cointet elementen en Friese ruiters. De camouflage werd geperfectioneerd en verder uitgebouwd. In 1942 werden er 3 vliegtuighangars gebouwd en tegen de Waverse Steenweg kwamen 7 gecamoufleerde gebouwen, tegenover het vliegveld kwam een reserve van brandstof bedoeld voor de bevoorrading van de lokale bezetter .

http://upload.wikimedia.org/wikipedia/commons/3/37/Bundesarchiv_Bild_101I-337-0036-02A%2C_Im_Westen%2C_Feldflugplatz_mit_Me_109.jpg
Junkers Ju 188 E-1, Kampfflugzeug Werkfoto Junkers (MBB) 188/6

Vanaf datzelfde jaar werden er regelmatig een paar nachtjagers van II./NJG 1 gestationeerd. Omdat de Duitse bezetter steeds meer en meer problemen kreeg met bombardementen door geallieerde vliegtuigen ontwikkelden de Duitsers een antwoord hierop. Omdat de geallieerde bommenwerpers steeds beter en beter bewapend werden was het niet meer evident om tijdens de dag deze toestellen aan te vallen. Door de ontwikkeling en perfectionering van de radar  ontwikkelde de Duitse oorlogsindustrie de ‘nachtjager’. Deze maakte zoals de naam reeds vermeld gebruik van de nacht. In het donker en met behulp van de radar konden de Duitse nachtjagers ongemerkt naderbij sluipen en de geallieerde vliegtuigen aanvallen en vernietigen. 

In de lente van 1944 werd de luchtmachtbasis “ le culot” zwaar beschadigd door geallieerde bombardementen. Onmiddellijk werd het zuster vliegveld van  ‘les burettes’ dat niet beschadigd werd in gebruik genomen.  Tijdens en na het bombardement van ‘le culot’ in de lente van 1944 werd het vliegveld dus gebruikt als operationele basis door de eenheden die niet meer van ‘le culot’ konden opereren. Er werden betonnen taxi banen aangelegd en verschillende schuilplaatsen voor vliegtuigen. Delen van deze banen bestaan nog steeds. … Tot half augustus 1944 bleven de Duitse nachtjagers en bombardementsvliegtuigen op beide vliegvelden gestationeerd. Vanaf half augustus (18 augustus) werden deze eenheden om tactische redenen teruggetrokken en vervangen door snelle gevechtsvliegtuigen  van I/SKG.10 met FW 190A gevechtsvliegtuigen

Bundesarchiv, Bild 101I-659-6436-12 / Grosse, Helmut / CC-BY-SA 3.0 – afbeelding van nachtjager zoals gestationeerd in Les Burettes

Op 6 september 1944 werden Beauvechain en Meldert bevrijd door het  82ste regiment van de 2de geblindeerde divisie van het Amerikaanse leger. In het verslag van deze eenheid lezen we dat ze hun opmars startten vanuit hanne nille? Vermoedelijk Hamme Mille richting Beauvechain. Lichte gepantserde verkenningseenheden kwamen al vrij snel in Beauvechain. Voorzichtig trokken ze verder op richting opwelp? Opvelp allicht, maar de Duitse troepen gelegerd in de omgeving van Beauvechain waren nog niet geheel teruggetrokken.

Het kwam tot een handgemeen met twee mitrailleurnesten op de weg Bevekom Opvelp. Twee Duitse soldaten sneuvelden hier. Ook te Meldert sneuvelde een Duitse soldaat in een mitrailleurnest gelegen aan de Waverse Steenweg. Deze stelling bevond zich … amper 50 meter hogerop van de afslag van de Bosbergstraat. Een lichte Amerikaanse tank vuurde richting mitrailleurnest en raakte een betonnen elektriciteitspaal . De betonnen stomp steekt nog steeds in de grond…. De Amerikanen trokken zich snel terug en gaven de Duitse soldaten de kans om zich terug te trekken. Twee Duitse soldaten werden voorlopig begraven op de Meldertse begraafplaats. Later werden ze overgebracht naar de Duitse militaire begraafplaats van Lommel.

Ondertussen hadden de Duitsers het vliegveld met mijnen bezaaid”. Koen Herregods voegt hieraan toe: in de ochtend van 3 september 1944 gaan de soldaten rond in Opvelp om de dorpelingen in een straal van drie kilometer aan te raden om hun ramen te openen en de omgeving te verlaten. In de namiddag weerklinken een twintigtal explosies en daarna verlaten de troepen de streek met al de mogelijke transportmiddelen.

Opnieuw Eddy Stas: “Het vliegveld was grotendeels onbruikbaar voor de geallieerden, ook al omdat de startbaan uit gras bestond. Het  846ste  en 852ste ‘engineer aviation battallion’ herstelden en maakten “’Les Burette’ nu Y-10 of le Culot East terug operationeel. Herstel en constructiewerken starten op 05 oktober  1944 en werden uitgevoerd door 846 EAB en op 18 oktober van datzelfde jaar startte 852 EAB aan de werken aan de landingsbaan. Het was een landingsbaan van 3600 feet ofwel 1097,28 meter die parallel liep met het huidige Beauvechainbos op de oude Duitse piste. Er werd tevens een parallelle taxibaan aangelegd en een aantal standplaatsen voor vliegtuigen. Er werden tenten opgezet waarin het personeel kon schuilen slapen eten enz.

Er was geen brandstofdepot, alles werd aangevoerd met tankwagens. Er werd een kleine controletoren gebouwd die tot in onze tijd in het midden van een akker stond en toen door een landbouwer afgebroken werd.  Op 26 oktober 1944 was het vliegveld terug operationeel verklaard en op 02 november waren de werken afgelopen. Reeds na enige dagen moest 852 EAB opnieuw een compagnie sturen naar le Culot East…..de landingsbaan voldeed niet voor intensief gebruik..

De eerste gevechtsvliegtuigen die op het vliegveld toekwamen  op 29/10/1944 waren van het 160 TRS ( 363 TRG) . Het waren verkenningsvliegtuigen van het type F-6 Mustang

Op 31/10/1944 lande het 161 TRS eveneens met F-6 Mustang. Op 30/10/1944 landen de F-5 lightning vliegtuigen van het 155 PRS en op 05/11/1944 landde het 33 PRS eveneens met F-5 lightning.  Er werden nu F-6 (mustang) en F-5 (lightning) gevechts- en verkenningsvliegtuigen gestationeerd. Tijdens de slag om de Ardennen werden deze toestellen massaal ingezet. Velen vertrokken van op deze grond en kwamen nooit meer terug….. De laatste eenheden verlieten Y-10 op 11/03/1945”.

Tot zover Eddy’s relaas. Op nieuwjaarsochtend 1945, na de bevrijding, viel de Duitse Luftwaffe voor het laatst massaal vliegvelden in België en Nederland aan. Honderden vliegtuigen op zestien vliegvelden werden vernield. De eenheid JG4 diende met 18 toestellen Le Culot en Les Burettes te bombarderen maar ze raakte boven de Ardennen de richting kwijt, vooral omdat de piloten jong en onervaren waren.

bronUnited States Army Air Forces – United States Army Air Forces via https://www.flickr.com/photos/18532986@N07/4480010899/in/photostream

Sommige toestellen belandden boven Sint-Truiden, andere vlogen door naar Melsbroek, waar er vijf uit de lucht werden geschoten. In februari 1946 werd de status als vliegveld definitief opgeheven en werd de landbouwactiviteit hervat.

Blijkbaar waren er nooit meer dan zo’n dertig tot veertig vliegtuigen tegelijk gestationeerd. Op 23 oktober 1940 om 16.23 landt Adolf Hitler op Les Burettes op weg naar een ontmoeting met Franco.

Maar blijkbaar hielp al dat camoufleren en verstoppen wel want deze basis is nooit gebombardeerd door de geallieerden en al die banen zijn lang bewaard gebleven en zijn er voor een groot deel nog altijd. Er zijn oude foto’s maar blijkbaar mogen die nog altijd niet publiek verspreid worden wegens ‘geheim’ of ‘copyright’  dus ik moet het aan je verbeelding overlaten.

Met behulp van de kaart kan je die banen ook volgen op je wandeling en een aantal maken trouwens deel uit van het plaatselijk wandelnetwerk.

In het vervolg van deze tekst vertel ik vooral  wat je er nog allemaal van ziet maar onderdelen van vliegtuigen zijn daar niet bij. En daarbij ga ik ook na waarom Natuurpunt zich inzet voor het behoud van dit natuurerfgoed.

Vandaag liggen de velden er vredig en verlaten bij en dat geldt ook voor het weggetje naar het bosje. Op de kaart zie ik dat die weg in 1936 speciaal is aangelegd voor het vliegveld op het traject tussen het Remmelenbos en Les Burettes en aangezien hij vandaag op de Open Street Map staat en naar ik aanneem op het terrein dus al sinds 1945 vrij toegankelijk is, denk ik niet dat je er niet zou mogen komen zolang je geen verstoring teweegbrengt.

Les Burettes – veldweg naar het bosje

Ik schenk hier aandacht aan omdat er verhalen zijn over ontmoetingen met de boze eigenaar van dit bos die beweert dat alles met wegen en al van hem is en ‘dus’ verboden toegang. 

Aan het begin van het noordelijke bosdeel staat wel een bordje verboden toegang bij een duidelijk afgebakend privé-perceel met een houtstapel dus daar blijf je beter weg denk ik.

Het weggetje loopt dood in het zuidelijke deel van het bos en eigenlijk is er niets zomaar te zien behalve overal nogal wat overgroeide landbouwafval (vaten, plastiek, resten van voertuigen, banden, steenslag maar ook hopen gebroken eternietplaten). Veel van dat afval is biologisch niet afbreekbaar en gevaarlijk voor het milieu. Dat eterniet bevat ongetwijfeld nog asbest.

Omdat ik niet moet weten van privé-vuilstorten in de natuur vind ik dat er voor de milieudienst van de gemeente Beauvechain een uitdaging is om de eigenaar daarop aan te spreken. Ondertussen heeft die dienst laten weten dat ze ‘op de hoogte’ zijn maar aangezien het terrein privé is het moeilijk is om de vervuiling officieel te laten ‘vaststellen’ maar ze beloven dat ze het dossier zullen opvolgen. Dat doet mij denken dat er wel nog wat burgerprotest zal nodig zijn om het stort te laten opruimen.

Les Burettes – tussen Beauvechain en Meldert – dit is niet door de soldaten achtergelaten denk ik

Sporen van vliegtuigen of gebouwtjes zie je nergens maar zoals we al weten hebben de Duitsers bij hun vertrek alles wat er was aan bovengrondse infrastructuur verwoest.

Het echte geheim ontdek je door even een klein paadje te volgen tot tussen de donkere schaduw van de bomen. Dan besef je dat er hier inderdaad vroeger iets is geweest dat je in  je in een gewoon bos niet verwacht. Plotseling verdwijnt alle wilde begroeiing en sta je op een soort bebladerde ‘dansvloer’. Zo’n vlakke bosbodem heb ik nooit gezien. Of er onder die bladeren beton ligt kan ik niet zeggen want ik ben niet beginnen graven maar ik denk het wel, anders had de boer het wel in beslag genomen.

Maar het is echt wel een ervaring om te beleven wat de natuur doet met mensenwerk als de mensen zich terugtrekken en de zaak onbeheerd achter laten. Binnen de kortst mogelijke tijd kruipen de bomen door ieder gaatje of spleetje naar buiten en maken van een verharde vlakte een natuurbos. En omdat dit blijkbaar al aan de gang is sinds 1945 zijn de bomen ondertussen ook al wel flink opgegroeid, hoewel hier en daar met vreemde vormen en nogal wat dood hout dat in het rond ligt. Hier komen alleen nog herten en jagers ook wel denk ik.

Les Burettes

Dankzij Koen Herregods van Opvelp die heel het dossier al een tijd bestudeert weet ik ondertussen dat dit bosje de in feite geen vliegtuigen herbergde maar dat het de kampplaats was voor de bemanningen en dat er van alles gestaan moet hebben waarvan je nu niets meer ziet. Er moet ook een munitieopslagbunker geweest zijn en ik lees dat er zelfs een nep-begraafplaats was om het geheel te camoufleren. 

Het vliegveld zelf was aan de zuidkant van dit bosje en strekte zich uit zover je kan zien op deze vlakte tot aan de bomen op de horizon.

Alles aan de noordkant tot het Remmelenveld en in het oosten tot in Meldert diende om vliegtuigen te kunnen verplaatsen en te kunnen verbergen. Aan die zuidkant is niets meer te zien maar van de noordkant heb ik ondertussen wat foto’s. Ik lees dat de betonbanen niet gefundeerd waren maar gewoon op de grond gelegd werden. Op die manier kostte het minder tijd en moeite om ze weer te herstellen na een bombardement. Om diezelfde reden bestonden sommige pistes blijkbaar gewoon uit op de grond gelegde stalen rasters.

Les Burettes – bomput

Op sommige open plekken in het bosje groeien massa’s bramen hoog op en na een tijdje begin je te vermoeden dat je hier misschien naar ‘avioles’ kijkt, dat zijn aarden of betonnen wallen die de Duitsers als een soort open bunkers (zonder dak) opwierpen om hun vliegtuigen en bunkers te beschermen tegen de luchtdruk van exploderende afgeworpen bommen of. Over die avioles ga ik het nog uitgebreid hebben. 

Op het einde van hun verblijf zouden ze ook structuren hebben opgericht om de geallieerden te beletten om op het vliegveld te landen maar die zijn niet meer te zien. Op een paar plaatsen kom ik diepe kuilen tegen waarvan ik vermoed dat het bomkraters zijn. Maar ook daar groeien de bomen ondertussen welig. Tussen de bomen ligt geen afval en eigenlijk is het een bijzondere natuurbeleving, zij het op kleine schaal want het bosje is maar klein.

Les Burettes

Ik pleit er voor om dit perceel te beschermen als erfgoed en er verder niet te veel aan te doen. Van mijn gidsen hoor ik ondertussen dat de Duitse vliegtuigen van hieruit in het begin van de oorlog Nederland bombardeerden (Rotterdam?) en later deelnamen aan de bombardementen op Londen. Dat was de afstand die gevechtsvliegtuigen van die tijd juist op en neer konden vliegen. Dankzij Koen kan ik je nu ook twee kaartjes laten zien waar je kan zien waar die basis precies was. Ik begin mij af te vragen of er aan dit bosje eigenlijk niet een gedenkteken zou moeten staan. Wat denk jij daarvan?

Om op missie te vertrekken stegen de vliegtuigen op vanuit het gras of vanaf stalen roosters op de bodem. Beton kwam er zelfs niet aan pas. Aan de noord- en oostkant liggen (of lagen) er betonbanen tot aan de Hazenberg in Opvelp en het kapelletje aan de Stenenkruisstraat in Meldert. Dat beton was niet gefundeerd en is op veel plaatsen opgeruimd door de boeren (en het ijzerwerk is door hen hergebruikt als afrastering) maar er is toch nog veel van overgebleven en zichtbaar op het terrein als je het weet zijn.

Les Burettes – op weg naar de Aviole – rechts de taxibaan

Tussen Les Burettes en het Remmelenbos bevindt zich nog een van de twee laatst overgebleven zichtbare ‘avioles’. Op de foto zie je naast een overduidelijke piste nog de wallen, veel steenslag en alweer veel afval. Het zijn gewoon plekken om de vliegtuigen te verstoppen en te beschermen met aarden wallen en een camouflagenet als dak. Er moeten er heel veel geweest zijn en wijd verspreid over het terrein om aanvallers te misleiden en om te voorkomen dat bij een bombardement meerdere geparkeerde vliegtuigen tegelijk konden worden bestookt. En zoals gezegd werden er ook houten namaakvliegtuigen aangevoerd om voor nog meer misleiding te zorgen. Alle nadruk lag op de misleiding zoals het zetten van namaakgebouwen, kleureffecten in het landschap en dus ook een namaak begraafplaats om een munitie-opslagplaats in het bosje van Les Burettes te verbergen.

Les Burettes – de aviole op weg naar de Remmelenberg

Vanaf  hier vervolg ik deze tocht langs overgroeide taxibanen en puinhopen naar Opvelp om opnieuw foto’s te maken van zaken die er ooit waren maar die je als gewone bezoeker niet meer ziet. Erg fotogeniek is dat niet maar samen met het verhaal heb je er misschien toch iets aan.

In Opvelp ken je natuurlijk het natuurgebied De Hazenberg van Natuurpunt waar in het najaar de orchideeën onder de paddenstoelen, de Wasplaatjes, in bloei zouden moeten staan.

Les Burettes – een ‘oorlogsmnument’ bovenop de aviole

Vlak ten westen daarvan zie je op de kaart het Remmelenbos en het Remmelenveld. Op het terrein staat een torenhoge radiomast en daar moeten we heen. Het bos is privé en stond in Opvelp vele jaren bekend om zijn boze eigenaar die mogelijke indringers luidruchtig bedreigde met zijn jachtgeweer en zijn gebied volkomen ontoegankelijk maakte met alle mogelijke hekken, andere obstakels en verbodsborden.

Ik hoor dat niet lang geleden het terrein is overgenomen door de eigenaar van de vierkantshoeve Berkenhof. Die komt zeker niet af met bedreigingen maar de versperringen zijn er niet minder door geworden. Het goede nieuws is wel dat tegenwoordig vanaf de Hazenberg het paadje aan de noordkant langs de bosrand open en toegankelijk is en dat is een flinke uitbreiding van de officiële Holle Wegen wandeling in dit gebied.

Op weg naar het bos kom je bij een bordje nog een grote geheimzinnige steen in de grond tegen waarvan ik de betekenis nog niet ken.

Les Burettes – pad met geheimzinnige steen op weg naar het Remmelenveld

In het bos legden de Duitsers – vooral rond 1943 – verschillende vliegtuigparkings aan en in het veld moeten er ondergrondse werkplaatsen geweest zijn. Aan het einde van de oorlog is dat allemaal vernield en sinds 2011 is alles wat nog aan fundamenten zichtbaar was (blokken beton) met dikke lagen grond bedekt om opnieuw landbouw mogelijk te maken.

Het enige wat je nu nog ziet zijn drie gebetonneerde stroken waarvan één in het bos (en dus niet toegankelijk) en twee op het pad.

Bij dit verhaal hoort nog een anecdote (met dank aan lezer Pieter Evers): “op het moment dat de Amerikaanse tanks binnenrolden in Opvelp de laatste SS ers achterhoede te paard wegtrok (en nog een man doodschoten die al de Belgische driekleur had uitgehangen) waren de schelmen boerkes van Opvelp al met hun paard op het vliegplein om de draad weg te halen (in rollen om later als omheining te gebruiken) en het hout uit de geschutsputten. Daarna kwam de Belgische overheid rond om de rollen te tellen want de boerkes moesten … betalen … en dus gingen die dan die rollen verstoppen  …”.

Les Burettes – betonnen hangarvloer in het Remmelenbos

Er bestaan zelfs nog foto’s van zulke rollen ‘pleindraad’ (in het Opvelps: “Plaandrood”)  maar die heb ik nog niet gezien. Pieter vertelt erbij dat tijdens de oorlog de boeren dikwijls met hun paarden werden opgevorderd om te gaan werken en dan van alles meepikten zoals werktuigen en cement en dat er veel gebouwd werd in Opvelp in die tijd. Misschien zijn er lezers die ook nog herinneringen hebben in dezelfde richting? 

Eddy Stas heeft me meegenomen naar de Melderse kant van het oude oorlogsvliegveld. Eddy staat bekend als dé grote kenner van heel deze site en nu ik hem heb ontmoet denk ik dat dit terecht is. Omdat dit deel van de site op Vlaams grondgebied ligt is zijn de resten ervan het meest van belang voor Natuurpunt.

Les Burettes – het Remmelenbos is verboden toegang

Daarover ga ik het nog hebben maar we zien we toch al een heel gezelschap zilverreigers die hier blijkbaar alle jaren in deze tijd verblijven hoewel er helemaal geen water te zien is. Eddy vertelt me dat ondanks de kaalheid van deze agro-industriële akkers er altijd zeer veel trekvogels gezien worden, waaronder ook ooievaars. Kraaien vliegen natuurlijk overal rond maar in de lucht cirkelt ook een kiekendief en vliegt een sperwer uit het aviole-bosje op waarnaar we op weg zijn.

Langs een statig kasteel met ijzeren hek en de al even statige vierkantshoeve Hof Ter Meren komen we langs een charmant privé-bijenhotel aan de winterlinde op de kruising tussen de Stenenkruisstraat en de Overhemstraat. Die is de oudste en dikste van Meldert en staat om die reden samen met het nieuw gerestaureerd OLV kapelletje op de erfgoedlijst en wordt daar geprezen worden om zijn speciale vorm. Eigenlijk ziet hij er afschuwelijk toegetakeld uit als een ondeskundige gesnoeide knotwilg maar er staat wel een leuk bankje voor. 

Het is een wonder dat zo’n boom waarvan de dikke takken zo afgezaagd zijn (gekandelaard heet dat, dat wordt dikwijls bij stadsbomen gedaan in te smalle straten) toch een leeftijd van meer dan 350 jaar heeft kunnen bereiken.

Meldert – de erfgoedlinde aan de Stenenkruisstraat

Het kapelletje werd in 1809 gezet door dankbare ouders van een pasgeboren gezond kind. Begin jaren 80 van de vorige eeuw werd het omver gereden tijdens de suikerbietenoogst en nadien in met moderne materialen terug opgebouwd.  Eddy vertelt me dat hier in de buurt ook nog de resten zijn gevonden van een Romeinse villa waarvan de contouren terug zichtbaar gemaakt zullen worden met een groenbeplanting.

Op die Stenenkruisstraat kom ik nog terug omdat daarlangs stukken taxibaan behouden zullen blijven maar eerst gaan we naar het noorden richting Bevekomstraat. Op de kaart zie je daar nog een reeksje van vier knobbels in het landschap, allemaal resten van de vroegere avioles ofwel de bunkers voor de Duitse gevechtsvliegtuigen. Onderweg kom je nog op een paar plaatsen stroken tegen die bij nader inzien oude taxibanen zijn waar hier en daar het beton nog doorschemert. 

Aan een bord met een gele affiche met de bekendmaking van een ‘beslissing van een omgevingsvergunning’ staan we bij een aan zijn U-vorm nog helemaal herkenbare Aviole die in het kader van de ruiverkaveling van Willebringen zal gerestaureerd worden en voorzien worden van de nodige uitleg en zelfs een namaakvliegtuig tussen de wallen. Voorlopig ziet hij er echter nog uit als al de andere overblijfselen van de site: begroeid, verwaarloosd en met afval bezaaid hoewel Eddy me vertelt dat er al veel zou zijn opgeruimd.

Meldert – de aviole die gerestaureerd gaat worden

Het roept bij mij opnieuw de vraag op waarom er al die jaren op deze reusachtige oorlogssite nooit gedenktekens zijn geplaatst.

Is het omdat hij aan beide zijden van de taalgrens ligt en er geen overschrijdend en zelfs geen intergemeentelijk overleg is (de afwezigheid daarvan valt op)?

Is het omdat de boeren op deze verder haag- en boomloze agro-industriële vlakte eigenlijk vooral en hardnekkig willen dat heel dit zaakje wordt opgekraamd en dat ook overal aan het doen zijn met hun grote machines als er even niet wordt opgelet?

Is het omdat in het begin van de oorlog alles (beter: het weinige) wat er in deze omgeving was aan slecht voorbereide Belgische luchtmacht door de Duitsers is weggebombardeerd en men liever daar niet aan herinnerd wordt?

De precieze restauratieplannen heb ik nog niet gezien maar blijkbaar werkt er een bureau aan een project waarbij ook aandacht zal worden besteed aan de vliegtuigen die hier gestaan hebben. Ik hoop dat ze er ook een gedetailleerd plan zullen bijvoegen van al die pistes en opslagplekken die er hier geweest zijn en gedeeltelijk nog zijn en waarvoor het allemaal gediend heeft, want tot zover heb ik er zelf toch nog maar vaag zicht op. 

Op deze aviole komen we toch iets konkreets tegen in de vorm van een groot blok beton met een ijzeren bevestigingsmechanisme. Waarvoor het gediend heeft staat er niet bij. Misschien maakte men de vleugels van de vliegtuigen hieraan vast om te zorgen dat de wind er geen vat op zou krijgen? Misschien hoorde er een lier bij om de toestellen uit de bunker te trekken?

Les Burettes – deze aviole zal worden gerestaureerd

Ook deze aviole heeft een vloer van beton maar ondertussen vertelt weer iemand mij dat in de tijd van de Duitsers er nog gewerkt werd met vloeren van aangestampte aarde en dat de betonnering pas nadien door de geallieerden is aangebracht. Wie kan zeggen wat de juiste toedracht is? Al de rest van mijn verzameld materiaal spreekt dit tegen maar dat zegt niets want de een schrijft het over van de ander heb ik zo de indruk.

In de verte zien we nog andere avioles. Even denken we dat er jagers bij staan en dat het dus niet verstandig is om er naar toe te gaan maar dan blijkt het te gaan om reusachtige vogelverschrikkers en daar hoeven wij ons niets van aan te trekken. Wat er hier voor jagers te beleven is versta ik eigenlijk niet maar blijkbaar worden er nog elk jaar fazanten uitgezet ondanks het verbod om dat te doen.

Van hier verkennen we de aviole die op termijn in beheer zal komen van Natuurpunt als gevolg van de besluiten over de ruilverkaveling van Willebringen als een eiland van natuur op deze verder boom- en haagloze akkervlakte.

Les Burettes – zicht op een toekomstig natuurgebiedje (een aviole)

Voorlopig is het nog een wild bosje in het landschap. Pas als je tussen de wildgroeiende struiken doordringt zie je aarden wallen opduiken in de voor dit soort vliegtuigbunkers kenmerkende U-vorm. Deze aviole is nog helemaal in zijn geheel, er is in al die jaren zelfs geen stukje van afgegraven.

Wanneer het natuurbeheer zal beginnen weet ik niet en voorlopig ziet het er nog niet als topnatuur uit. Op veel plaatsen ligt de gebruikelijk afval en groen bemoste stukken beton schemeren onder de takken door. Drukbezocht is de plek niet maar het jagershutje is toch nog niet vervallen. Er rond staan kooien rond waarvan we vermoeden dat die nog wel eens gebruikt zouden kunnen zijn om ondanks het verbod kraaien te lokken of om er uit te zetten fazanten in te bewaren want konijnen zal je op deze plek toch niet willen houden denken we. Een verroeste jagersladder lijkt te vergroeien met de boom waar hij tegen staat.

Plotseling stuiten we op een opvallend groot hol in een van de wallen. Dat moet van een das zijn maar er zijn geen poot- of andere sporen te zien dus de bewoner is er kennelijk niet meer. Maar dat opent uiteraard vooruitzichten op een echte dassenburcht.

Les Burettes – een verlaten dassenhol in de aviole

Wat heeft zo’n oude bunker met natuur te doen? Ik laat Natuurpunt aan het woord: “In dit uitgestrekte plateau waren deze oude bunkers, graften en betonstroken jarenlang braakgrond, sommige evolueerde tot ruige stroken, andere tot kleine struwelen. En net deze zaken maken het verschil in deze grote uitgestrekte plateaus. Deze natuuroases geven de sterk bedreigde akkervogels een vaste broedstek. Dat het niet goed gaat met de akkerfauna is geen eufemisme. Met een achteruitgang van meer dan 80 tot 90 % verdwijnen de akkervogels zoals veldleeuweriken, geelgorzen, grauwe gorzen, patrijzen en kiekendieven als sneeuw voor de zon. Naast het aanbieden van graan voor gorzen en tijdelijke natuur infractructuur met beheerovereenkomsten is er ook nood aan een vaste natuurinfrastructuur. Doornstruwelen voor de gorzen als ideaal zangpost of schuiloord als de jagende kiekendieven op strooptocht is. Deze stroken krijgen ook een belangrijke rust functie… daar waar dit plateau jaren lang enkel werd ontsloten door trage wegen zijn deze vervangen door betonwegen, hierdoor zijn rustgebieden en belangrijk aandachtspunt voor deze grondbroeders en de akkerfauna. Dit noemen we vaste natuurinfrastructuur en dit kan op deze plaats met een knipoog naar het verleden door deze stroken en oude beton te verbinden, niet als oorlogsinfrastructuur maar als natuurinfrastructuur.”

Les Burettes – dit is een aviole maar wel goed vermomd

Stilaan kom ik aan het einde van mijn verkenning van dit oude oorlogsvliegveld. Vanaf de voor Natuurpunt bestemde ‘aviole’ gaan we terug langs het centrale kampement van deze basis, nu het bosje waarover ik het al had. 

Terwijl we langs het puin van een vroegere piste stappen davert er een F-16 over ons heen voor een ‘stop-and-go’ trainingsvlucht naar de basis van Beauvechain. De militaire technologie is toch wel veel veranderd sinds de tijd van de Tweede Wereldoorlog en eigenlijk vind ik dat nogal verontrustend want je moet er niet aan denken dat we met dàt soort technologie een oorlog boven Beauvechain gaan uitvechten en toch gebeurt dat sinds vele jaren in vele delen van de wereld. Het kleine ‘Marchetti’-toestel dat volgt op de F-16 ziet er toch al meer uit als die oude jagers en bommenwerpers maar het is ook alleen maar goed om te leren vliegen.

Voor de eerste keer zie ik ook een stapel ‘pleindraad’ uitsteken boven de betonbrokken, je weet wel dat ijzer dat de boeren kwamen plunderen zodra de Duitsers wegwaren. Let op de ijzeren staaf waarmee dat in de grond was vastgemaakt. Als je hier een herdenkingsbordje aan zou ophangen heb je direct het monument van deze site dat nu ontbreekt.

Eddy toont me de plaats van de startbaan op ijzeren platen die de Amerikanen bij hun komst hebben aangelegd. De commandanten vestigden zich in het kasteel van Meldert (zie de foto) terwijl de manschappen in de sneeuw mochten toekijken vanuit hun tenten in het bosje.

Les Burettes – zicht op het kasteel van Meldert

Om de landingsbaan te maken werd al in 1936 de eeuwenoude ‘Arbre’ van de ‘Epine Hermeline’ omgehakt. Sinds 2017 staat er een nieuwe Meidoorn maar heel vrolijk is hij niet. Dit verhaal zal ik nog een andere keer vertellen (maar zie een van de links).

Het laatste stuk van deze tocht gaat langs de aan Vlaamse kant  al gebetonneerde Stenenkruisstraat richting Meldert waar het blijkbaar de bedoeling is om aan een holle weg een eindje van een piste te bewaren en opnieuw zichtbaar te maken.

Les Burettes – de Ermelindis doornstruik

Ik ben benieuwd, voorlopig is er vooral veel puin te zien en het probleem is ook dat de nieuw gebetonneerde veldweg voor een deel de piste doorkruist. Het te bewaren deel zou zich moeten bevinden op een plek waar de weg een beetje hol wordt.

Ondertussen reageert er een lezer uit de streek een beetje nijdig omdat ik ‘zijn’ landschap beschrijf als boom- en haagloos en er aan toevoeg dat het er vroeger veel charmanter en gezonder moet hebben uitgezien. Hij zegt dat het plateau al sinds de Romeinse tijd in gebruik is voor de landbouw, dat we nu eenmaal niet meer in de 19de eeuw leven en dat de landbouwmethoden gelukkig gemoderniseerd zijn.

Ik moet eerlijk zeggen dat ik het eigenlijk wel treurig vindt dat de biodiversiteit op deze plek het uitsluitend moet hebben van die paar overgebleven bultjes/bosjes en overgroeide pistes van dat vroegere oorlogsvliegveld die dan ook nog stuk voor stuk tot privé-stortplaatsen zijn gedegradeerd. Als de moderne tijd dat soort landbouw oplevert vind ik dat niet positief en ook absoluut niet duurzaam.

Er zijn ondertussen heel wat mooie en ook erg moderne alternatieven ontwikkeld om de voedselproduktie te verzekeren maar je moet daar natuurlijk voor openstaan. Gelukkig is dat op veel plaatsen het geval en tussen Beauvechain en Meldert  ligt er dus een enorme uitdaging te wachten. Met deze positieve bedenking kom ik aan het einde van deze reportage maar ik neem me voor om hier nog dikwijls terug te komen.

Les Burettes – oorlogskaartje van de militaire basis (bron Koen Herregods)

Les Burettes – topografische kaart met de contouren van de militaire basis (bron Koen Herregods)

Les Burettes – googlemaps – luchtfoto

++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

Eddy Stas – Kleine monografie van “ le culot east” – Niet gepubliceerde tekst over Les Burettes voor Natuurpunt naar aanleiding van de Ruilverkaveling van Willebringen. Ongedateerd, na 1991.

+++

Parkeerplaatsen vliegtuigen (Opvelp) | Hangar Flying

www.hangarflying.eu › Erfgoedsites

citeert een artikel uit het Laatste Nieuws van 10 juni 2017

+++

https://www.luchtvaartgeschiedenis.be/content/les-burettes-vliegveld#:~:text=Les%20Burettes%20werd%20gebruikt%20als,geallieerde%20luchtlanding%20onmogelijk%20te%20maken.

Les Burettes – vliegveld | Luchtvaartgeschiedenis.be | Historie …

www.luchtvaartgeschiedenis.be › content › les-burettes-vli…

Les Burettes – in de aviole – nee, dit is niet van een bombardement

+++

https://www.natuurpunt.be/nieuws/%E2%80%9Cles-burettes%E2%80%9D-een-vergeten-stukje-geschiedenis-20200401

“LES BURETTES” EEN VERGETEN STUKJE GESCHIEDENIS …

www.natuurpunt.be › nieuws › “les-burettes”-een-verge…

+++

https://www.encyclopedie.fr/definition/burette

+++

https://fr.wikipedia.org/wiki/Combat_de_Beauvechain

Combat de Beauvechain — Wikipédia

+++

https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/130931

 +++

(over de meidoorn van Sint Ermelindis)

Les Burettes – Een F-16 op weg naar Beauvechain

Trefwoorden : beauvechain, tweede wereldoorlog, luftwaffe, opvelp, meldert, natuurpunt, natuurgebied, aviole, gevechtsvliegtuig, tweede wereldoorlog, erfgoed, ermelindis, afval, stort,

DE PERREKAPEL IN BEAUVECHAIN OP DE GRENS MET BIERBEEK (OPVELP)

Beauvechain – de Perrekapel – hij bestaat echt of wat dacht je?

De Perrekapel op de grens tussen Beauvechain en Bierbeek/Opvelp). Net als de rest van Brabant staat de streek van Bierbeek en Beauvechain vol met kleine kapelletjes. Sommigen daarvan zijn zelfs beroemd zoals de Gosin-kapel in Nodebais vanwege de keramieken van Max Vanderlinden of alleszins heel bekend om hun ouderdom zoals la Chapelle Saint Corneille en la Chapelle au Rond Chêne in Mille. In diezelfde omgeving staat er ook nog de Sint-Bernarduskapel in de holle weg voorbij het gehucht Mollendaal en het Rachierhof. Minder bekend maar misschien belangrijk in het verhaal dat volgt is de heel charmante Kapel van het Heilige Aanschijn (ofwel Karmel-kapel) vlakbij de vroegere windmolen op de kruising tussen Oude Geldenaaksebaan en de Smisstraat in Bierbeek-dorp. En zo kan je nog wel even doorgaan en dat is ook de moeite waard want al deze kapellen lenen zich voor mooie natuurwandelingen en maken deel uit van verleden en heden van onze streek. Maar wie in Bierbeek of Beauvechain (laat staan daarbuiten) kent de Perrekapel? Lezer Wouter van den Bril stelde me deze week deze vraag en omdat ik er nog nooit van had gehoord ben ik uit nieuwsgierigheid maar eens snel op zoek gegaan om foto’s te maken en er iets meer over te weten te komen.

Even dacht ik met een compleet mysterie te maken te hebben maar al vrij snel zijn de sluiers opgelicht.

Beauvechain/Bierbeek (Opvelp) – Perrekapel

De kapel zelf heb ik gevonden. Hij staat aan de rand van het Perrebos tussen de bomen. Vanuit het veld zie je er niets van. Op oude kaarten zal je hem niet vinden maar op de Open Street Map (internet) en de meest recente gedrukte topografische kaarten van het NGI staat hij aangegeven met een kruisje zowat midden tussen de Perrestraat in Opvelp en de Rue de Mollendael in Beauvechain maar wel juist aan de Franstalige kant van de taalgrens. Op de kaart staat er geen enkele pad naartoe aangegeven maar op het terrein wandel je er wel gemakkelijk naar toe vanaf de Rue de Mollendael en daar stuit je zelfs op een verroest bordje ‘promenade vers la chapelle’ hoewel je op die plek een bramenveld zou in moeten gaan om er te geraken. Gelukkig wisten jagers me de juiste weg te wijzen. Je komt er ook te voet door het bos vanaf de Perrestraat maar dan moet je over privéterrein. De kapel ligt in een privébos en is overduidelijk een privé-kapel. Anders dan alle andere kapelletjes in de omgeving is het er een met een volledige kruisweg hoewel op het terrein al de mooie prenten met bramen overwoekerd zijn. Die kruisweg vind je op bijna geen enkele kaart aangegeven, alleen maar in een hoekje van de NGI-kaart Beauvechain-Tienen blad 32/7-8) waar je de kruisjes ziet staan in het ‘Bois de Peer’. Over de kapel zelf vind je zelfs na grondig zoekwerk slechts één verwijzing op het internet van een groepje hondenwandelaars in 2014 die er ook niets van weten en zich afvragen wat die kapel hier staat te doen en wie hem gezet heeft. In Beauvechain is hij zelfs helemaal onbekend.

Beauvechain – het eerste bewijs dat de Perrekapel inderdaad bestaat en dat je op de goede weg bent

Voordat ik verder inga op het  verleden en heden van de Perrekapel tussen Bierbeek en Beauvechain zoek ik nog naar een verklaring van het woord ‘Perre’. De kapel staat in het Perrebos. Historische namen in onze streken zijn altijd verbonden met het landschap, het gebruik of met de eigenaars en dat is op deze plek niet anders: achter Vuilenbos, Smisveld, Zwartenhoek, Stoquoi, Culot, Hazenberg en La Misére verbergen zich verhalen die de moeite waard zijn om te bewaren. Bossen worden dikwijls naar vroegere eigenaars genoemd zoals het nabijgelegen Remmelenbos dat op de kaart Vandermaelen van 1846 als ‘Bois Philippe’ ou ‘Reemelenbosch’  staat aangeduid. Hoewel de naam ‘Vandeperre’ tamelijk gebruikelijk is lijken Perrebos en Perreveld niet te verwijzen naar een historische meneer (of familie) Perre, Pierre of Peter (en ook niet naar een ‘peerd’ of ‘paard’) maar naar het vlak er boven gelegen gehucht Perre. De naam komt niet voor op de oude kaarten voor zover ik die kan raadplegen maar dankzij studiewerk van Opvelps natuurgids Rik Convents weten we dat het vermoedelijk zoiets betekent als ‘omheinde plaats’ of ‘afgesloten ruimte’, afkomstig van het Middelnederlandse ‘perrik’ en het Latijnse ‘parricus’ waaraan we ook het woord ‘park’ en ‘perk’ (en ‘beperkt’, ‘beperken’ en misschien ook ‘perceel’) te danken hebben. De naam ‘Vandeperre’ of ‘Perre’ ontstaat dan doordat de plaatselijke bevolking er dat van maakt door een verschijnsel dat taalkundigen ‘klinkerrekking’ noemen. Het Perreveld staat voor de eerste keer op de kaart Vandermaelen, de huizen in de buurt staan 100 jaar later op de NGI-kaart van 1969 vermeld als het gehucht Perre en op diezelfde kaart is het Perrebos verfranst tot ‘Bois de Peer’ (wat taalkundig op niets slaat).

Beauvechain op de grens met Bierbeek (Opvelp) – judaspenning aan de Perrekapel

Ongetwijfeld waren gehucht en veld in het verleden van een omheining voorzien (waarschijnlijk nog altijd) maar of dit ook zo was voor het bos weten we niet (nu niet meer in elk geval). Alle aanvullingen en andere bedenkingen welkom. Deze namiddag vertelde me iemand nog dat het woord perre in Bierbeek ook een draaihekje is om ergens binnen te geraken. Ik heb over die kapel ondertussen ook al wat andere aanwijzingen binnengekregen.

Mijn verhaal over de ‘geheimzinnige’ Perrekapel tussen Beauvechain en Opvelp (Bierbeek) levert vanuit Beauvechain niet zoveel geen inhoudelijke reactie op maar vanuit Bierbeek is krijg ik best wel veel commentaar waarvoor dank. Daaruit maak ik op dat de kapel met de kruisweg met zijn 14 fiere staties oorspronkelijk is opgericht in 1987 door Opvelpenaar en (naar ik vermoed) dan eigenaar van het Perrebos, Roger Branson, vermoedelijk bijgestaan door Omer Abts, eveneens van Opvelp, als dank voor de genezing van een dierbaar familielid. De kapel wordt toegewijd is aan ‘O-L-Vrouw-van-de-Wonderdadige-Medaille’, of ook wel de kapel van ‘Jezus en Maria’ genoemd. Haar beeld staat aan de voorkant van de kapel achter het glas. Je kan het niet heel goed meer zien maar het is mooi. Wie het gemaakt heeft weet ik niet. De beelden aan de achterkant zijn die van de patroonsheiligen Sint Antonis (Antonius van Padua) en Sainte Rita. Op stenen platen aan de zijmuur staat in een mooi handschrift ‘en souvenir de notre cher Doyen A.Englebert 1993’ en ‘medestichters Jeanne Ombelet, +12-02-1996 echtg. Jules Boogaarts’.

Beauvechain/Bierbeek (Opvelp) – Perrekapel – St.Antonius en Ste.Rita

Pastoor (l’Abbé) André Englebert was in die tijd deken van Beauvechain dus ik vermoed dat hij de kapel, gelegen op zijn grondgebied,  ingezegend heeft. De andere namen zijn in de streek bekend maar ik weet er nog niets over.

Het Christusbeeld in de glazen nis bovenop de kapel is een processie beeld dat in 1906 is aangekocht door de Opvelpse pastoordeken Camiel Weicherding. Zelfs vanaf de grond valt op dat het een heel mooi gelaat heeft met blonde haren en gekleed is in een lang wit gewaad. Op het hoofd staat een gouden stralenkrans en daarin zou de volgende inscriptie moeten staan ‘EENVOUD LIEFDE BETROUWEN’. Lezer Koen Herregodts vertelt dat het destijds op kermiszondag uitgedost werd “met een prachtig kleed in rode veloers, op een berrie geplaatst en door het dorp gedragen tijdens de kermisprocessies op Drievuldigheidszondag”, dat is ieder jaar op de eerste zondag na Pinksteren. Bij die gelegenheid werd de berrie gedragen op de schouders van de jongens van de Boeren Jeugd Bond (B.J.B.). Na de processie werd het altijd opgeborgen op de kleine zolder van de Opvelpse parochiezaal. Op een kwade dag is het bij die gelegenheid in stukken gebroken. De brokstukken hebben vele jaren lang op de zolder gelegen en zouden waarschijnlijk bij een opruiming verloren gegaan als Roger Branson niet had gevraagd aan en de toestemming had gekregen van de toenmalige kerkfabriek om het te mogen bewaren en te laten restaureren.

Beauvechain/Bierbeek (Opvelp) – de Perrekapel

Zo gebeurde en na de restauratie is het beeld in de speciaal aangebrachte dakkapel geplaatst tijdens een eucharistieviering ter gelegenheid van het hoogfeest van OLVrouw Hemelvaart op 15 augustus 1997. Bij die gelegenheid werd de vernieuwde kapel ingezegend door pastoordeken Fons D’Hoogh uit Bierbeek (overleden in 2013).

Een lezer met jachtrechten in het gebied wijst er in een wat onverwachte negatieve reactie op dat het Perrebos met delen van de omgeving de privé-eigendom is van de huidige eigenaar van de vierkantshoeve Berkenhof en dat je er dus niet zonder toestemming door mag wandelen en dat het zeker ongewenst is om daar in groep veel lawaai te komen maken (ik dacht niet daar al voor te hebben opgeroepen maar soit). Hij heeft natuurlijk een punt op het vlak van overlast maar dat is overal zo in de natuur. Maar aan de andere kant is het ook zo dat traditionele bospaden openbaar zijn zolang ze niet met de wettelijk voorgeschreven borden zijn afgesloten.

Het is een probleem dat je wel vaker tegenkomt met jagers: die hebben nu eenmaal niet zo graag pottenkijkers in hun jachtgebied en komen dan aandragen met de boodschap dat het ecologisch waardevol en kwetsbaar gebied is en dat er dus beter niemand komt.

Beauvechain/Bierbeek (Opvelp) – in het Perrebos – bij een kruisweg stel ik me toch iets anders voor

Wat betreft het Perrebos klopt deze redenering niet echt. Het is een bos van allemaal mooie dennen, een perceel met essen, nog een perceel met populieren en wat boskersen die daar ooit geplant zijn om hout op te leveren maar verder geen speciale natuurwaarde hebben. Op een paar stukjes van het bos staat wat gemengd loofhout en dat is op natuurvlak wel interessanter maar op zich niet kwetsbaar.

De ondergrond bestaat uit een woekergewas van bramen dus zo ecologisch is dat ook al niet. Het terrein is op zichzelf helemaal niet kwetsbaar, toch niet zolang je er niet met moto’s en quadsen doorrijdt en zelfs dan, het is nogal droog en kan best wel wat hebben. Er lopen dieren rond, vooral van het soort waar jagers op hun manier van houden zoals reeën en vossen (en eventueel everzwijnen). Er is geen bosrand en het bos is omringd door maisakkers en soortgelijke moderne landbouwbiotopen die ecologisch eigenlijk bedorven zijn.

Ik heb ze daar zien en horen jagen: de klassieke drijfjacht waarbij tientallen brullende en trappelende mannen op een lijn en vergezeld van hun voor de gelegenheid loslopende honden de weinige hazen die er nog zijn en wellicht ook vogels (fazanten? patrijzen?) moeten opjagen opdat andere mannen met geweren die op hun gemak kunnen afmaken.

In feit is deze manier van jagen geweldig verstorend voor de natuur om het alle dieren opjaagt en niet alleen degenen die ‘beheerd’ moeten worden. In feite is het merkwaardig dat het afsteken van vuurwerk op oudejaarsnacht op zo grote bezwaren stuit en het geknal van jachtgeweren nauwelijks.

 In feite zou het de moeite waard zijn om heel dit gebied over te laten aan een organisatie zoals Natuurpunt of – in dit geval Natagora – om er een echt natuurgebied van te maken. In de omgeving komen er hier en daar de dassen weer terug naar hun oude burchten en dat  is een belangrijke meerwaarde voor de natuur en waar die zich vestigen is bescherming ook echt wel nodig. Dat wil zeggen dat passerende wandelaars  hun honden ferm aan de moeten lijn houden (net als de jagers overigens).  Maar dassen moeten vooral beschermd worden tegen de kwade wil van boeren en buitenlui die dassen nog altijd als een kwaad beschouwen en ze vergiftigen of die tot taak hebben de holle wegen te ‘onderhouden’ en daarbij uit onachtzaamheid de dassenholen vernielen.

Maar in een natuurgebied kan er alleen nog eventueel eens gejaagd worden uit noodzaak in het kader van wildbeheer  en dat is lang zo leuk niet als de jaarlijkse sportjachtpartijen.

In elk geval is het Perrebos ontoegankelijk vanwege de bramen dus zonder pad kan je er in elk geval niet door en dat lijkt me ook een goed idee want het is waar dat bezoekers overlast bezorgen, ook al door hardnekkig hun afval achter te laten en door hun honden los te laten lopen.

Beauvechain op de grens met Opvelp – Een biovarkensbedrijfje vlak naast de Perrekapel

De kapel zelf ligt echter helemaal op een hoekje aan het eind van een kennelijk openbaar pad vanaf de Rue Du Mollendael  achter een bordje ‘Promenade de la Petite Chapelle’ voorbij een gloednieuw bio-varkensbedrijf(je) en is omringd door klassieke maisakkers dus ik zie niet goed wat je als rustige natuurliefhebber langs die kant kan misdoen als je er eens een kijkje gaat nemen. Er komt nauwelijks volk langs, er staat een vuilnisbak (met één doos met het opschrift patisserie) maar er is opvallend weinig afval te zien, er zijn geen sporen van vuurtjes en zelfs graffiti  kom je er nauwelijks tegen.

De oprichter van de kapel, Roger Branson is de zoon van Florent Branson, geboren in Opvelp. Florent had een bloeiende beenhouwerij in Leuven maar in Opvelp was hij bekend als jager ‘den duc’. Roger is zijn zoon (Den jonge Duc) en hij zal trouwen met Monique Leclercq de jongste dochter van Maurice Leclerq van de welbekende Opvelpse vierkantshoeve Berkenhof (lebecq). De familie Leclerq levert tot 1964 generatie na generatie de burgemeester voor het tot dat jaar zelfstandige Opvelp. Na de inzegening in 1997 zijn er nog tot in de jaren 2004-2005 regelmatig vieringen gehouden, telkens op 15 augustus maar ook wel bij andere gelegenheden. De bedoeling was om gelovigen van beide kanten aan de taalgrens bijeen te brengen en ik begrijp dat dit in beperkte mate ook wel is gelukt.

Beauvechain/Bierbeek (Opvelp) – vanit het Perrebos – zicht op het Remmelenbos

Roger Branson, ondertussen op de gezegende leeftijd van 81 jaar schrijft hierover zelf het volgende: “Er bestaan nog vele foto’s en dia’s en echte schilderingen van de kruisweg. Op 15 augustus kwamen mensen uit de streek bidden en de mis volgen. De mis werd zelfs geleid door drie pastoors. Mensen uit Bevekom en Opvelp kwamen de mis volgen. Na de viering werd een glas gedronken en wafels uitgedeeld die door Monique waren gebakken. Monique heeft zelf Jezus in de bovenkapel geplaatst met en in de schup van een bulldozer. Op de laatste viering hebben al de aanwezigen Maria op hun schoot genomen en omarmd, het was gelijk een afscheid van onze lieve vrouw. Het dagblad L’Avenir was ook telkens aanwezig met een verslag over het verloop. Na de mis bleven Walen en Vlamingen in gesprek met elkaar … En met kerst hing de verlichte komeet in de bomen en je kon de ster zien branden tot in Opvelp. Tijdens het opkuisen zijn we verjaagd geworden door een drietal jongeren met slechte bedoelingen en we zijn niet meer durven terug te gaan. En zo is er een einde aan gekomen.” Van andere kanten hoor ik dat het zingen tot op de Hazenberg te horen was en de hierboven aangehaalde op natuurbehoud gestelde jager klaagt zeer uitdrukkelijk over het ‘lawaai’ van deze openluchtvieringen. Dat lijkt me opnieuw nogal kort door de bocht en zeker als het gaat om vieringen die georganiseerd worden door en/of met toestemming van de eigenaar van het stuk natuur zelf, in dit geval het Perrebos. Of mag je nu zelfs in je eigen bos niet meer zingen?

Beauvechain/Bierbeek (Opvelp) – Perrekapel

Aan die vieringen namen blijkbaar ook mensen deel die voordien betrokken waren bij Bohan-broederschap in de Karmel-kapel in Bierbeek maar dat moet ik nog eens verder uitzoeken.

Waarom na al die inspanning om zo’n groot bedevaartsoord te bouwen de actieve vieringen al weer zo snel verloren zijn gegaan is me niet duidelijk. Het kan toch niet alleen een kwade tussenkomst van jongeren zijn die de deelnemers zo heeft afgeschrikt? Tot nader orde houd ik het er op dat in de wisseling van de tijdsgeest de traditionele godsdienstuitoefeningen de jongere generaties niet meer op dezelfde wijze aanspreken. Aan de andere kant komen er rond de in de omgeving gelegen kapellen (Au Chêne-Rond, Corneille) nog alle jaren mensen samen. Misschien is het ook zo dat de taalgrens meer en meer een echte grens geworden is die mensen uit de naastgelegen gemeenten nog maar moeilijk oversteken, laat staan om contact te zoeken met bewoners aan de andere kant.

Hoe het ook zij, met het verloren gaan van de vieringen en met het ouder worden zijn Roger en zijn vrouw nog wel langs gekomen maar het onderhoud van de kapel was er teveel aan. Maar, zegt Roger “als het mag kan er terug een pareltje van gemaakt worden”. Monique is sinds 2014 overleden en ik denk dat Roger sindsdien hun kapel niet meer bezocht heeft. Dus er is geen andere mogelijkheid dan dat een volgende generatie het zou overnemen.

Beauvechain/Bierbeek (Opvelp) – Perrekapel (een van de staties)

Alleszins is het toch wel jammer dat het geheel er nu verloren en vervallen bijstaat. De kapel zelf zal het nog wel een tijd uithouden want die is opvallend robuust gebouwd op een soort rots van arduinen natuursteenbalken die nu allemaal zwaar bemost zijn. De prenten op de staties zijn nauwelijks meer zichtbaar maar ze zijn vastgemaakt aan stevige betonnen palen die wel voor de eeuwigheid lijken bedoeld te zijn. Het hout van de banken is verrot maar de betonnen draagsystemen trotseren probleemloos de tand des tijds. Onder de bramen bloeien nog de bloemen van de vroegere tuinaanleg. De beelden staan in hun glazen nissen alsof er toch af en toe eens iemand langs komt om ze schoon te maken. Ook als je niet gelovig bent en niets moet hebben van kapellen is het een plek waar je als voorbijganger kunt zitten en in de natuur even tot rust  komen. In elk geval, op deze plek in het bos stoor je daar helemaal niets en niemand mee. Misschien kunnen die van Beauvechain en van Bierbeek binnenkor eens samen een initiatief nemen om dit stukje recent verleden een zinvolle herbestemming te geven?

Beauvechain – Perrekapel met kruisweg op de topografische kaart Beauvechain-Tienen (blad 32/7-8)

+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

http://www.dogsfriendly.be/mijnforum/index.php?topic=12485.0

link om oude en nieuwe kaarten op elkaar te leggen:

https://play.osm.be/historischekaart.html#9/51.0526/4.3616/osm

mijn reportages op facebook en de daarop binnengekomen reacties

Beauvechain – vanaf de Perrekapel kijk je op de Chapelle au Rond-chêne

Trefwoorden: opvelp, bierbeek, beauvechain, kapel, perrebos, roger branson

DE HAZENBERG IN OPVELP (BIERBEEK) – OP ZOEK NAAR DE WASPLAATJES

Opvelp – Hazenberg – hollewegenwandeling – Hazenberg

De Hazeberg (of Hazenberg op de kaarten) in het dorpje Opvelp (deel van Bierbeek). Daar moet je heen als je wilt genieten van de mooiste uitzichten op de wijde omgeving van de bovenloop van de Velpe en de Mollendaalbeek. Je bent hier op een hoogte van 100 meter boven de zeespiegel op de noordrand van het plateau van Beauvechain. Het Remmelenbos met radiomast er vlak naast ligt nog 5 meter hoger en dan volgen op het plateau het Champ de Beaumont en het Champ d’Onsom. In de verte lonkt in zowat een rechte lijn over de kerktoren van Opvelp aan de Neervelpsestraat de  watertoren van Bierbeek met zijn beroemde wereldbol.  Veel verder naar rechts schemert achter het Bois de Peer (Perrebos) de bosrand van het Meerdaalwoud die ongeveer op dezelfde hoogte ligt. Onder je kijk je bijna door de dakramen van de gemoderniseerde monumentale vierkantshoeve het Berkenhof en op de mooie paarden in de weide daaronder. Het veel respectvoller gerestaureerde Jezuïtenhof in de dorpskern van Opvelp kan je van hier juist niet zien. In het najaar zijn op een mooie zaterdag de akkers in de omgeving vervuld van geknal en echte-mannen-gebrul. Kennelijk wordt er gejaagd op de ondertussen erg schaars geworden hazen waaraan de berg misschien zijn naam te danken heeft. Het zou ook kunnen dat de naam verwijst naar het woord ‘hezi’ of ‘hési’, een Oudfrans woord dat verwant is aan het Oudnederlandse woord ‘hees’. Dan kom je uit bij ‘heester’ ofwel struik of struikgewas en kan je besluiten dat in de tijd van het hertogdom Brabant in de middeleeuwen de Hazeberg begroeid was met lage struiken of bomen die het moeten hebben van een beetje droge grond.

Opvelp – hollewegenwandeling – Hazenberg – roos – eglantier

Wat dat betreft is er sinds die oude tijd dan niet erg veel veranderd op deze plek want in de holle weg boven de Hazeberg staat het vol struiken en ook de weiden op de berg zijn omzoomd met struikgewas. Daar zijn veel rozen bij maar ook andere stekelige soorten die misschien wel eeuwen lang moesten dienen om het grazende vee binnen de perken te houden. Sinds de pony’s van Natuurpunt op de weide staan hebben de beheerders toch maar wat eigentijdse afrastering gezet.

Het natuurgebiedje is niet zo heel groot, twee grasgroene hellingen met aan de bovenkant een holle weg, samen goed voor zo’n zes (?) ha topnatuur. Ik lees dat in de oude tijd de helling een zogenoemde ‘gemene weide’ was, dat wil zeggen dat de dorpelingen hier hun dieren vrij konden laten grazen. Sinds het begin van de jaren 90 wordt de berg beheerd door de afdeling Velpe-Mene van Natuurpunt en dat kan je er goed aan zien. Geologisch sta je hier bovenop een zanderige en kalkachtige top van een duin aan de rand van een inham of rivierdelta (de ‘oer’-Train, zie het boek ‘Miradal’) aan een oeroude zee. De lagen leemstof die de Noordenwind er in de laatste ijstijd door de noordenwind bovenop gelegd heeft zijn doorheen de tijd naar beneden gespoeld naar de akkers en dat merk je wel goed op het glibberige pad vanuit Opvelp. Het is hier droog en omdat er door de eeuwen heen ook nooit gemest is, bleef het grasland arm aan stikstof en fosfor

Opvelp (Bierbeek) – Hazenberg – Dassenburcht onder bescherming van Natuurpunt

Dat betekent dat er heel wat soorten planten en struiken willen groeien typisch zijn voor dit soort bodem of die je op andere plaatsen niet meer zal vinden zoals gewone ereprijs, kleine bevernel, vogelmelk, biggekruid, duizendguldenkruid, agrimonie, aardaker, knooppkruid, echt walstro, rapunzel en grasklokje. Om de mooie kleuren te zien en de vele vlinders te bekijken moet je hier in de lente en de zomer komen. Zangvogels zoals de Geelgors voelen zich in dit landschap thuis. In het herfstseizoen hangt er hier en daar nog een roos tussen de dorens en staan er alleen nog maar enkele gele bloempjes en zowaar een blauwe korenbloem op de veldweg (de ‘Moordenaarsweg’). Het stalletje voor de pony’s staat leeg want de dieren staan een eind verder op de tweede weide. Hier wordt niet gejaagd dus hazen zijn hier vast nog wel. In de holle weg zijn grote holen voor de vossen en er is zowaar ook een echte dassenburcht. Een beetje verder staat een plukje eikvaren en daarna stuit je zowaar op een echte ratelpopulier. Toch is het reservaat bij kenners het meest beroemd om zijn ‘wasplaten’ en daarvoor moet je er juist in het najaar zijn hoewel november al een beetje laat is.

Wasplaten op de heling van de Hazenberg in Opvelp (Bierbeek). Natuurpunt is terecht fier op de wasplaten die groeien in sommige van de graslanden die de organisatie in beheer heeft. Wasplaten (Hygrocybe) zijn heel kleine plaatzwammetjes en groeien alleen maar op voedselarme (schrale) weiden die nooit worden omgeploegd of op een andere manier verstoord door bemesting anders dan door de natuurlijke mest van de enkele dieren die nodig zijn om na het hooien het gras zo kort mogelijk te houden.

Opvelp – Hollewegenwandeling – Hazenberg – zwam – wasplaatje in november

Er is lang gedacht dat ze vooral dienen om dode grasresten en oude humus op te ruimen maar uit recent onderzoek blijkt dat ze mogelijk ook in symbiose leven met mossen en/of kruiden. Natuurliefhebbers beschouwen wasplaatjes als de ‘orchideeën’ onder de paddenstoelen en dat heeft er vooral mee te maken dat ze op zich niet zo heel zeldzaam zouden moeten zijn maar dat bij ons in Vlaanderen ze nauwelijks meer kunnen voorkomen vanwege de intensieve landbouw en veeteelt in onze streken waar hun natuurlijk milieu al eeuwen lang afgebroken wordt.  Er zijn in Vlaanderen 39 soorten wasplaten bekend en daarvan staan er slechts 6 niet op de Rode Lijst. Ze houden wel van kalkachtige grond hoewel er blijkbaar ook zuurminnende soorten zijn. Het goede nieuws is dat je ze ook in je gazon of paarden (of schapen/geiten) weide kan krijgen als je dat op de juiste manier onderhoudt (dus niet betreedt, mest of sproeit en absoluut het mos laat staan). Wasplaten kunnen goed tegen de kou maar slecht tegen uitdroging. Om die reden zie je ze pas aan het einde van de herfst tussen oktober tot eind december. Een paar nachten lichte vorst kunnen ze wel verdragen. Ze zijn heel klein en groeien laag tegen de grond verborgen tussen het gras maar je herkent ze aan hun felle gele, rode of oranje kleur (hoewel er ook minder opvallende soorten zijn) en hun vettig of kleverig uiterlijk. In het Engels worden ze ‘waxcaps’ genoemd vanwege hun wasachtig uiterlijk. Op de Hazenberg moet ik er altijd erg naar zoeken maar als ik er dan enkele opmerk, zie ik ze plotseling overal in het rond staan en dat is best spannend.  Om ze te fotograferen is dan weer een heel ander paar mouwen en om ze per soort te benoemen begin ik zelfs niet aan, dat laat ik aan de specialisten over.

Opvelp (Bierbeek – Hazenberg – wasplaatje
Opvelp (Bierbeek) – Hazenberg – wasplaatje – sneeuwzammetje

Op de Hazenberg komen zeker vijf soorten voor waarmee dit gebiedje officieel beschouwd wordt als een ‘wasplatengrasland’. Naast het papegaaizwammetje kom je zeker ook de zwartwordende wasplaat, het sneeuwzwammetje, de gele wasplaat en de weidewassplaat voor. Op de Hazenberg komen ook enkele andere unieke soorten zwammen voor zoals aardtongen en knotszwammen.

De Hazenberg in Opvelp (Bierbeek). Een lezer reageert op in een eerdere bijdrage over de Hazenberg dat de berg vol staat met bramen en dat ‘ik daar ook maar eens een foto van moet maken’. Dankzij het zorgvuldig beheer van Natuurpunt heb ik in het reservaat veel minder bramen gezien dan bijna overal elders in Vlaanderen’s overbemeste natuur dus ik denk dat hij zich van plaats vergist. Bovendien werkt Natuurpunt heel hard om de bramen in toom te houden. Dit is hard en ondankbaar werk en helpende handen zijn steeds welkom.

Toch is het wel zo dat de holle weg aan de bovenkant grenst aan een akker van een niet-biologische boer die het kennelijk niet al te nauw neemt met natuurbehoud want hij gooit zijn gewasresten over de rand op de helling die van Natuurpunt is en dat is niet zo best voor de plaatselijke natuurwaarden (veroorzaakt bramen en brandnetels en het is ook lelijk). Anderzijds is er wel een brede groene rand tussen de akker en de helling dus dat is dan weer goed nieuws. In elk geval heb ik op die helling toch naast eikvaren ook dalkruid gezien dus zo slecht is het daar nog niet gesteld. Naast wasplaatjes kom je op de Hazenberg ook gele zwammetjes tegen die met rechtopstaande stengels recht uit de grond omhoogkomen en geen hoed hebben. Dit zijn gele knotszwammen (Clavulinopsis helveola).

Opvelp (Bierbeek) – Hazenberg – geen wasplaatje – Gele knotszwam

Ze zijn typisch voor dit soort mosachtige schrale graslanden en om die reden ook zeldzaam.  Ze lijken wel wat op koraalzwammen, vooral op het ‘Kleverig koraalzwammetje’ (Calocera viscosa) maar die tref je vooral aan op sterk vermolmde stronken en stammen van naaldbomen en die zijn er hier niet. Ik heb ze niet gezien maar op de Hazenberg zouden ook nog ‘aardtongen’ (meest voorkomend geslacht: Geoglossum) kunnen voorkomen. Die lijken wel op knotszwammen maar ze zijn nooit geel, eerder bruinzwart of groen. In de holle weg kwam ik op de stam van een van de vele vlierstruiken ook nog een zeldzame zwarte trilzwam (Exidia nigricans) tegen. Daarmee sluit ik deze verkenningstocht af. Jammer genoeg stuit het pad bovenlangs de Hazenberg aan het einde op borden verboden toegang. Het pad zelf gaat gewoon verder maar de privé-eigenaars (van de akker en van het bos) willen blijkbaar niet dat wandelaars enkele tientallen meters verder stappen langs de bosrand naar de volgende openbare veldweg om de volledige luswandeling vol te maken. In vind dat die houding niet meer past in onze tijd waar mensen nood hebben aan voetwegen en natuurbeleving.

Opvelp (Bierbeek) – De Hazenberg – Kaart NGI 1989

+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

Hazeberg – Molensteen – Blauwschuurbroek | Natuurpunt

https://www.natuurpunt.be/natuurgebied/hazeberg-molensteen-blauwschuurbroek

http://www.natuurpuntoostbrabant.be/node/245

https://dichterinopvelp.weebly.com/septiemen-voor-opvelp.html

https://www.natuurpunt.be/pagina/wasplaten

https://www.natuurpunt.be/pagina/aardtongen

https://www.natuurpunt.be › pagina › knotszwammen

Oorsprong van het woord hezi: http://gtb.inl.nl/iWDB/search?actie=article&wdb=ONW&id=ID2487

Opvelp – hollewegenwandeling – Hazenberg – Ratelpopulier

Trefwoorden: natuurpunt, natuurreseservaat, natuurbeheer, opvelp, bierbeek, hazenberg, hazeberg, hezi, wasplaatje, knotszwam, das, erfgoed