LOVENJOEL – HET GROOT PARK SALVE MATER MET WHITEHOUSE EN HET KLEIN PARK AVE REGINA

Uitgelicht

Voorjaar 2021

Ernst Gülcher

Contact: ernst.guelcher (at) telenet.be

Lovenjoel – Whitehouse met sneeuwklokjes

Sla naar rechts af vanaf de Tiensesteenweg uit de richting Leuven ter hoogte van Lovenjoel (Bierbeek) en dan sta je enkele honderden meters verder bij de Sint Lambertus kerk aan de ingang van het vroegere domein van de familie de Spoelberch. Drie jaar geleden maakte ik hier al eens een reportage over maar nu de sneeuwklokjes in bloei staan kom ik terug. De smeedijzeren wapenschilden en andere delen van de poort aan de ingang van de dreef naar het landhuis zijn zo’n twintig jaar geleden gestolen, of de poort er zelf nog is weet ik eigenlijk niet (wie wel?),  maar de Molenbeek stroomt nog altijd in het midden van het ‘Groot Park’ zoals dat al eeuwen het geval is. Aan de rechterkant staat een hele verzameling massieve gebouwen met een torentje dat er boven uitsteekt. In 1915 schonken de erfgenamen van de adellijke familie heel dit gebied van 35 hectare aan de Katholieke Universiteit Leuven. Die verpachtte het aan de Zusters van Liefde van Gent om er de psychiatrische kliniek Salve Mater op te bouwen. De eerste gebouwen van die toen ultramoderne kliniek werd in 1927 plechtig geopend door koningin Elisabeth. Na een bewogen bestaan waarin sinds de jaren 1980 het park langzaam in verval raakt, verlaten de laatste patiënten de kliniek in 2007 en sindsdien staan de gebouwen lang grotendeels leeg (maar nooit helemaal!). In 2004 wordt maakt de universiteit duidelijk dat zij de zorg voor het domein wenst af te staan en na veel discussie wordt het park in delen opgesplitst om te verkopen. Het gebouwencomplex wordt sindsdien omgebouwd tot een residentieel park met appartementen en enkele kantoren en na jaren verbouwen is een en ander opgeleverd en in gebruik.

Lovenjoel – Groot Park – Salve Mater

Onder het torentje van de kerk van het vroegere klooster moet er nu een gedeeld privé-zwembad zijn voor de bewoners die blijkbaar met grote belangstelling intekenden op het renovatieproject. Het vallei-deel naast de Molenbeek komt rond de eeuwwisseling voor een klein deel in het bezit van Natuurpunt en voor een veel groter gedeelte – waarin ook het 18de eeuwse landhuis – in handen van Leuvenaar Bert Verlinden en zijn echtgenote Elly Kog. In 1994 is heel het Groot Park samen met het nabijgelegen kloosterpark van Ave Regina beschermd als dorpsgezicht en cultuur-historisch landschap. Dankzij die bescherming,  maar vooral door de natuurbelangstelling van de nieuwe beheerders zijn de natuurwaarden van dit stukje vallei bewaard gebleven  samen met het (gespaarde) gedeelte van de) verzameling monumentale bomen die de familie de Spoelberch in hun tijd liet aanplanten.

Hier en daar in het Groot Park van Salve Mater in Lovenjoel kom je pijlen tegen naar het ‘Whitehouse’ maar eigenlijk kun je het sneeuwwitte gebouw niet missen want het hele park is zo aangelegd dat je vanuit het in 1750 gebouwde landhuis ‘van Plaisanterie’ alles kunt zien. Sinds 1999 is deze voormalige buitenresidentie van de familie De Spoelberch een prachtig gerestaureerde privéwoning maar sinds 2014 ook een in heel Leuven en omstreken bekende kunstgalerij.

Lovenjoel – Groot Park – Salve Mater

Dankzij de toegewijde eigenaars is het park publiek toegankelijk op voorwaarde dat bezoekers niet al te dicht bij de woning komen, op de paadjes blijven en de bomen met rust laten. De oevers van de beek – natte lemige gronden en een aantal kalkminnende venige bronzones – zijn waarschijnlijk een tijdlang parkgazons geweest maar worden thans als soorten- en bloemrijke hooilanden beheerd zoals in de oude tijd. De bomen zijn al vele tientallen jaren beroemd. Zowel Jan-Hendrik-Jozef de Spoelberch (1766-18­38) als zijn zoon Maximiliaan-Antoon-Theodoor (1802-1873) hadden grote belangstell­ing voor dendrologie. In de loop van de 19de eeuw werden talrijke, vaak zeldzame soorten en variëteiten aangeplant, een collectievorming die tot circa 1870 intensief werd voortgezet. In 1894 wordt in het Bulletin de la Société Centrale Forestière de Belgique een gewone moerascipres (Taxodium distichum) vermeld, toen al met een stamom­trek van 308 centimeter. Die boom bevindt zich nu nog vlakbij het kasteel en de omtrek is ondanks een recente blikseminslag aangegroeid tot 463 centimeter. In die tijd worden 350 soorten ‘houtachtigen’ geteld waarvan er in 1990 nog 120 over zijn. Het Groot Park van Lovenjoel mag beschouwd worden als een van de belangrijkste dendrologische collecties van België. Op mijn foto’s van mei 2017 zie ik dat ik hier in een later seizoen moet zijn om de volle pracht van die bomen te kunnen bewonderen. Wel denk ik  dat er in de afgelopen jaren toch enkele gesneuveld zijn want er liggen boomstammen, al dan niet in stukken gezaagd. Bomen hebben van nature wel een lang leven maar toch niet voor de eeuwigheid en dus moet je er regelmatig nieuwe aanplanten.

Lovenjoel – Salve Mater – Groot Park – een monumentale beuk

Behalve enkele vazen en een ijskelder met paviljoentje trekt vooral de rond 1836 door plaatselijk smid Van Schoonbeeck vervaardigde ‘Chinese’ boogbrug over de Molenbeek de aandacht. Het is een zeer fotogeniek roestig geval dat volgens het erfgoeddossier ooit gerestaureerd zal worden maar voorlopig waag je je er beter niet op denk ik want elke stap kan er een teveel zijn. Over de betekenis van die bruggen heb ik een romantisch Chinees sprookje gevonden en dat gaat als volgt. 

De Chinese brug in het Groot Park in Lovenjoel is daar in opdracht van de kasteelheer van toen, naar ik aanneem Burggraaf Maximiliaan-Antoon-Theodoor  De Spoelberch gezet rond 1836 door plaatselijk smid Van Schoonbeeck. Zo’n brug was toen de mode die tijd in van die deftige parken en je vindt ze nog op veel plaatsen waar een beetje romantiek in de lucht hangt. In afwachting van restauratie mag je de fotogenieke maar sterk geroeste brug niet betreden en zul je het moeten doen met het Chinees sprookje over de koeherder en het weefstertje dat ik op het internet vond op een Nederlandse website (zie de link). Lang geleden dwaalde een arme herder met zijn kudde rond in een verafgelegen dal aan een bergrivier. Terwijl hij onder een dikke boom uitrustte hoorde hij stemmen van lieftallige meisjes die in de rivier aan het baden waren. Hij ging er op af en kon het niet laten om de kleren van een van de meisjes te pikken en zich daarmee achter een boom te verstoppen. Wat hij niet wist was dat hij aan het loeren was naar de zeven bloedmooie dochters van de Jadekeizer, de Heerser van de hemelen en dat hij zich meester had gemaakt van het gewaad van de jongste van de zusters die beroemd was om haar weefkunst van wolkenbrokaat voor haar vader.

Lovenjoel Groot Park – chinese brug

Na hun bad kleedden de prinsessen zich weer aan behalve de jongste want die vond haar kleren niet meer terug. Tenslotte zat ze wenend aan het water. Toen kwam de herder tevoorschijn en gaf de kleren terug op voorwaarde dat zij met hem zou trouwen. Heel netjes was die handelwijze niet maar in die tijd was in de liefde blijkbaar nog alles geoorloofd. Het weefmeisje kon niet anders dan toestemmen. De bruiloft vond  plaats en ze werden zowaar allebei heel erg gelukkig. In hun geluk vergat de herder echter om nog aan zijn koeien te denken en de prinses raakte haar weefstoel helemaal niet meer aan. Ze speelden de hele dag alleen nog maar met elkaar. Dat ging dus mis want vanuit de hemel had vader Jadekeizer alles zien gebeuren en in zijn misnoegdheid zond hij een bode naar de prinses met de opdracht voor de levering van wolkenbrokaat. Omdat zijn wens niet werd opgevolgd zette hij het bruidspaar aan de hemelse rivier met de herder aan de ene kant en het weefstertje aan de andere oever. Door de breedte van het water konden ze elkaar niet meer zien, laat staan dat ze ooit nog bij elkaar zouden kunnen komen. Hun verdriet was zo groot dat de eksters medelijden met het echtpaar kregen. Op de zevende dag van de zevende maand kwamen ze allemaal aangevlogen, legden hun vleugels over elkaar en vormden zo een lange boogbrug over de hemelse rivier. Over deze brug konden de koeherder en het weefstertje naar elkaar toekomen voor een ontmoeting halverwege op het hoogste punt: “vanaf dat moment herhaalt zich elk jaar op de avond van de zevende dag van de zevende maand hetzelfde tafereel: de eksters vormen een brug voor het liefdespaar. Op warme zomeravonden zien we aan de hemel nog de Melkweg met de hemelse rivier; aan de éne kant de koeherder en aan de andere het weefstertje.” Nu weet je waarom zo’n brug ook ‘Eksterbrug’ genoemd wordt.

Lovenjoel – Groot Park Salve Mater – de Chinese brug over de Molenbeek

Wikipedia: ‘Hoewel eksters bijna altijd als slecht worden gezien in Europa, worden de vogels in Korea aanzien als de vogel van voorspoed, een brenger van een zekere toekomst en een voorteken van geluk. Ook in China is de ekster een teken van een goed lot’. Ik hou wel van eksters. Overigens vind je deze bruggen ook in Japan.

Aan de lage en enigszins uitgeholde vorm van het landschap met een “eilandje” met een beuk er op, maar ook aan de vegetatie (riet) kan je vermoeden dat er aan de Molenbeek in het Groot Park in het verleden een vijver moet zijn geweest. Dat wordt bevestigd door de Ferrariskaart van ca 1775 (blad 112, Hougarde). Je ziet daar één grote vijver rechts van het dan gloednieuwe ‘Chateau de Sp(o)elberg, nog twee kleine vijvers er juist boven en nog enkele gebouwen zoals een hoeve een watermolen. De vijvers en de hoeve zijn er niet meer maar de molen staat er nog altijd en is zelfs in 1994 als monument beschermd onder de naam Heystmolen. Vande watermolen van Lovenjoel is al sprake in 1354. In 1747 kwam hij in het bezit van de familie de Spoelberch. Het huidige molenhuis draagt het jaartal 1749 en dat is dus waarschijnlijk het jaar waarin het gebouwd werd. De molen kwam daarna in handen van achtereenvolgens de Zusters van Liefde en de KUL. De molen bleef in bedrijf tot in 1896 om graan en boekweit te malen. Bijna een eeuw later werd hij in 1989 als bijna-bouwval verkocht aan een privépersoon die het geheel renoveerde tot woning. Als je niet weet dat dit ooit een molen was kun je het nauwelijks zien want alle inrichting en bovenslagraderen zijn verwijderd en ook de aftakking van de Molenbeek naar de molenvijver is verdwenen. Hierna steek ik over naar het ‘Klein Park’.

Jovenjoel – Groot Park Salve Mater – de oude Heystwatermolen

Vanaf het Groot Park en de kerk van Lovenjoel zie je er niets van vanwege de grote gebouwen die er voor staan maar daarachter ligt richting Tiense Steenweg nog een tamelijk groot parkgebied met de naam ‘Klein Park’. In het erfgoeddossier lees ik dat vandaag het park gedomineerd wordt ‘door het Medisch Pedagogisch Instituut Ave Regina, gelegen tussen het Hof ten Poele, later Felixhof, en de dorpskerk. Net voor de Tweede Wereldoorlog werd gestart met de bouw ervan. De instelling is uitgegroeid tot een zorg- en begeleidingscentrum voor jongeren en volwassenen. De centrale toegangsweg van de instelling loopt uit op het U-vormige Felixhof, gelegen ten oosten van de instelling.’ De familie Spoelberch kocht het dorp Lovenjoel in 1649 en hun domein strekte zich uit over het Groot Park, het Klein Park en de kerk er tussenin. In die tijd bestaat dat Klein Park met een oppervlakte van 11 hectare nog uit akkers en hooilanden en het kasteel was nog een van de vierkantshoeve Hof ten Poele afstammend landhuis met de naam ‘Château de Lovenjoul’ met een dreef naar de huidige Tiensesteenweg.  Nogmaals het erfgoeddossier: ‘Op het einde van de 18de eeuw was de aanleg zelf beperkt tot de omgeving van het kasteel: er was toen een moestuin, een grote en een kleine vijver en een boomgaard; een kleine laan verbond het kasteel met de kerk. Het park werd pas aangelegd in de periode 1807-1810  in een vroege landschappelijke stijl met een tot vijvers opgestuwde beek; een cascade met waterspuwers is nog aanwezig. Omstreeks 1860 liet de toenmalige eigenaar Felix Xavier de Spoelberch (1808-1868) belangrijke aanplantingen uitvoeren waarvan diverse oude en zeldzame bomen bleven bewaard. Ook de groentekelder die bewaard bleef ten zuidoosten van het kasteel zou gebouwd zijn door Felix de Spoelberch.

Lovenjoel – Klein Park – Felixhof

 Hij was de broer van Maximiliaan de Spoelberch, die op dat ogenblik eigenaar was van het Groot Park. Een laatste fase in de aanleg van het park dateert uit het einde van de 19de eeuw, toen het bezit was van Karel de Spoelberch; ook hij liet een generatie parkbomen aanplanten; de meest opmerkelijke realisatie uit die periode is echter de beplanting van de huidige Dreef met zwarte walnotelaars.’ Wie het park zoals ik voor een eerste keer bezoekt zal merken dat van die mooie beschrijving tegenwoordig nog nauwelijks iets te zien is. Na de nog wel statige voorhof van het kasteel wandel je langs smalle paadjes door een best wel mooi boslandschap waar behalve de Molenbeek nog wel enkele natte plekken zijn maar een vijver zal je er tevergeefs zoeken. Het kan zijn dat op moerassige plekken in het voorjaar heel wat voorjaarsbloeiers te zien zijn maar als geheel is het park vooral een vrolijk speelbos geworden met hutten en andere zelfgebouwde constructies. Wel staan er veel sneeuwklokjes in bloei. Of er nog zeldzame bomen zijn kan ik in dit seizoen niet goed zien maar er liggen wel veel dikke stammen tegen de grond.

Het fijne van het Klein Park – Ave Regina in Lovenjoel is natuurlijk dat anders dan veel voormalige kasteelparken het publiek toegankelijk is en bovendien erg rustig, ik denk vooral omdat het voor passanten niet zo duidelijk is dat er achter de grote gebouwen van het instituut en het kasteel nog een plezierige natuur-omgeving is. In het park zelf hoor je wel het geluid van de veel te drukke Tiensesteenweg die er vlak aan de noordkant langsgaat. Op de kaart zie ik dat je zonder problemen kunt doorsteken naar het Koebos van Natuurpunt aan de andere kant van de baan.

Lovenjoel – Klein Park

Aan de zuidkant zou je de Kerselarenlaan moeten kunnen oversteken om in het Bruulbos te komen maar blijkbaar gaat dat niet omdat er een pad afgesloten is en moet je eerst een eind langs de drukke baan stappen wat ik minder interessant vind. Het park is als erfgoedlandschap beschermd sinds 2004 en wordt naar ik begrijp beheerd door de eigenaars want op een bordje staat dat Ave Regina VZW de ‘verantwoordelijke uitbater’ is. Of er een beheerplan is weet ik nog niet maar kennelijk is het niet de bedoeling om het erfgoedkarakter te bewaren of in ere te herstellen. In de tijd van de familie Spoelberch zijn er heel wat bijzondere bomen aangeplant. In 1991 waren er daarvan nog een hele reeks over (zie het erfgoeddossier en de studie van Roger Deneef) waaronder een mammoetboom, een plataan, een varenbeuk, verschillende soorten beuken, een ginkgo biloba en een bonte Engelse iep maar of die er nu nog zijn heb ik nog niet kunnen ontdekken. In tegenstelling tot het Groot Park is in het Klein Park in de vorige eeuw heel wat productiebos aangelegd met Amerikaanse eiken en naaldhout. Voor de bouw van het instituut is overwogen om het neer te zetten in het park zelf. Uiteindelijk is het aan de voorkant van het kasteel Felixhof gebouwd maar om het laag gelegen terrein bouwrijp te maken zijn wel grote hoeveelheden bouwpuin aangevoerd. In 1955 werd op voorstel van de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen een rij van majestueuze rode beuken ‘één der mooiste beukencomplexen van het land’ langs de Stationsstraat beschermd maar een halve eeuw later zijn ze bijna allemaal verdwenen door aantasting van de reuzenzwam.

Lovenjoel – Klein Park – Felixhof

Ik lees in het erfgoeddossier dat er een en ander aan monumentaal  ‘tuinmeubilair’ geweest moet zijn, onder meer ‘een dubbele ardui­nen drempel geflankeerd door twee stèles met elk twee waterspuwende bronzen leeuwenkoppen, een medaillon met een sierlijk bas-reliëf van brons of terra­cotta en een boogvor­mige opening onderaan’ aan de overstort van de vijver naar de Molenbeek. Daarvan zou nog het een en ander moeten over zijn maar door het gebruik van beton in onze tijd ‘zijn de oorspronkelijke vormen en materialen niet meer zichtbaar’. In het park is de enige brug over de Molenbeek die ik gezien heb een betonnen plaat die niets romantisch heeft. Als ik de houten boswachter was van wie er een beeld in het bos staat bij het ontmoetingsbord zou ik toch er voor pleiten om in de komen jaren de verwaarlozing stop te zetten en naast het aanbrengen van educatieve natuurelementen de erfgoedwaarden van het park te herwaarderen. Zo moeilijk kan dat nu toch ook weer niet zijn zou ik denken.

+++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++++

Over het Groot Park:

https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/300760

+++

https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/127005

+++

http://www.thewhitehousegallery.be

+++

https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/200196

(de Heystmolen)

+++

Roger Deneef ea – Historische tuinen en parken van Vlaanderen – Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap – Brussel 2004 (ISBN 90-403-0196-4) – p.67-76

Lovenjoel – Salve Mater – Groot Park – ingang van de the white house gallery – merk op het kunstobject op rechts …

Over het Klein Park:

+++

https://inventaris.onroerenderfgoed.be/themas/16557

+++

https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/300774

+++

https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/215123

+++

DENEEF R. (redactie) 2004: Historische tuinen en parken van Vlaanderen, Bierbeek, Boutersem, Glabbeek, Oud-Heverlee, M&L Cahier 9, 76-83.

Lovenjoel – Klein Park – Molenbeek

Een Chinees ekstersprookje:

http://www.ekstersenzo.nl/cultuur_sprookjes-china/

Chinees sprookje

De koeherder en het weefstertje
(Chinees sprookje, vertaald uit het Engels/Duits door Peter van Nies)

+++

https://nl.dreamstime.com/redactionele-fotografie-de-eksterbrug-image54366292

+++

http://www.ekstersenzo.nl/cultuur_sprookjes-china/

Lovenjoel – Groot Park – chinese brug
Lovenjoel – Grot Park – chinese brug

trefwoorden: Lovenjoel, Groot Park Salve Mater, Klein Park Ave Regina, Spoelberch, Whitehouse,  China, eksterbrug, Heyst, watermolen,

Advertentie